Stichting tot Behoud en ter Bescherming van het Przewalski Paard
Home
paarden

Achtergrond van de projecten

Ondersteuning lokale bevolking

Hoewel Hustai Nuruu nooit permanent bewoond is geweest, is er veel in het werk gesteld om de plaatselijke nomaden, die gewend waren Hustai voor seizoensbeweiding te gebruiken, te compenseren. De meeste werknemers van het Nationale Park, zoals de rangers, en grenswachters (warden) zijn zelf nomaden.

Lamas houden een traditionele ceremonie op de heilige Hustai bergIn het dorp Altanbulag is met geldelijke steun van de Nederlandse overheid een melk- en kaasfabriek gebouwd en in een ander dorp Atar staat een fabriekje , dat yoghurt produceert.

Ook werd een preventief gezondheidprogramma voor kinderen en nomadenfamilies opgezet. En werden in drie dorpen centra ingericht waar vrouwen praktijkervaring kunnen opdoen, zodat ze zelf later bedrijfje konden beginnen. De daartoe benodigde financiën kunnen ze lenen door speciaal voor dat doel opgezette fondsen. Stichting Doen heeft gelden beschikbaar gesteld aan de overheden van het dorp Argalant om de kleine meelfabriek weer op gang te brengen.

Enkele jaren geleden is er een Bufferzone Raad opgericht, waarin vertegenwoordigers van diverse lokale belangengroepen zitting hebben. In deze Raad wordt nagedacht over de ontwikkelingen in de bufferzone. Het doel is te komen tot een duurzaam beheer van het Park en zijn directe omgeving.

Onderwijl heeft de Mongoolse en Nederlandse staf het bewijs geleverd dat men zeer goed en adequaat kan samenwerken. Naast de Przewalskipaarden keren ook de andere wilde grazers in het gebied terug. Er zijn groepen bestaande uit zo'n tachtig tot vierhonderd Mongoolse gazellen gezien en sommige daarvan zijn voor langere tijd in het gebied gebleven. Naast de toenemende groep Mongoolse edelherten of marals en enkele wilde schapen zijn ook enkele steenbokken of ibexen waargenomen.