![]() |
|
![]() |
|
Verbetering van het leefgebied
Wij zien twee mogelijkheden: het leefgebied vergroten of het leefgebied verbeteren. Leefgebied vergrotenHet Park is ongeveer 50.000 ha. Het is onzinnig te verwachten, dat het park op korte termijn vergroot kan worden. Wel kan er gewerkt worden aan het verbeteren van het leefgebied voor de vrijlevende takhi. Wat voedselaanbod betreft is er genoeg eten voor duizenden paarden. Als we naar het terreingebruik en de sociale organisatie van de Przewalski-paarden kijken dan kunnen er aanmerkelijk minder takhi in Hustai Nationaal Park leven dan huispaarden. Huispaarden kunnen in grote groepen samenleven. Als er voldoende voedsel is kunnen ze op een relatief klein gebied leven. Een goed voorbeeld is het natuurgebied de Oostvaardersplassen. Honderden Koniks, Heckrunderen en edelherten leven daar op 6000 ha, waarvan slechts 3000 ha uit grasland bestaat. De rest is water en moeras. In Hustain Nuruu leven de Przewalski-paarden in kleine groepen van 10 tot 20 dieren. Het gaat daarbij om één hengst met een aantal merries, jaarlingen en veulens. De groepen blijven uit het zicht van elkaar. In het voorjaar en 's zomers bewaken de haremhengsten hun merries angstvallig. Ze houden grote afstanden ten opzichte van elkaar. Alleen 's winters is te zien dat sommige harems zonder spanningen in het zicht van elkaar kunnen grazen. De onderlinge krachtmetingen tussen de hengsten blijven dan uit.
Uit onderzoek blijkt dat met de toename van het aantal groepen de omvang van de home-ranges in de afgelopen jaren is verminderd. Leefgebied verbeterenEr zijn een aantal maatregelen genomen om de draagkracht van het Hustai Nationaal Park te vergroten en het leefgebied te verbeteren. Het middengebied van het park is droog. Er is wel voldoende gras, maar er zijn geen natuurlijke waterbronnen. Om de Przewalski-paarden en het ander wild kans te geven ook het middengebied te bevolken, werden nieuwe bronnen aangelegd op plaatsen waar het water niet te diep in de bodem zit. De ervaring leert ons, dat Przewalski-paarden na vrijlating uit de acclimatisatiegebieden geneigd zijn in de buurt van deze gebieden te blijven. Voor de paarden die in 2000 aangekomen zijn, zijn daarom drie nieuwe gewenningsgebieden gebouwd in het middengebied en de oostelijke vallei. Nu de groepen in 2001 zijn, kregen ze de kans om hun leefgebied in deze "onbewoonde gebieden" op te bouwen. |
||||||||||||||