![]() |
|
![]() |
|
Omgevingsrisico en catastrofenIn het wild kunnen ten gevolge van extreme weersomstandigheden, voedsel- en of waterschaarste, ziekten, competitie met andere diersoorten, de druk van roofdieren, branden, droogten of andere catastrofen vele dieren sterven. In het geval van de Przewalski-paarden is die kans groter omdat ze generaties lang in gevangenschap gehouden zijn en aanpassingsproblemen hebben. De schade van catastrofen en omgevingsfactoren heeft minder ernstige gevolgen voor de populatie, als deze groot is. Er blijven dan immers genoeg dieren over. Kleine populaties zoals die van de Przewalski-paarden in Hustain Nuruu zijn erg kwetsbaar. Een voorbeeld maakt dit wellicht duidelijker.
Deze weersomstandigheden teisterden Mongolië in 200 en 2001. Het is bijzonder, dat de vrijlevende Przewalski-paarden in deze strenge winter met temperaturen van - 38C° nauwelijks verliezen geleden hebben. De conditie van de vrijlevende Przewalski-paarden bleef redelijk. Ongelukken waren de voornaamste reden voor het verlies van twee volwassen paarden en een veulen. De merrie en het veulen braken een been in het rotsachtige gebied en stierven. De hengst raakte met zijn been beklemd tussen stenen en stierf, nadat hij tevergeefs gepoogd had zich te bevrijden. Dr Bandi, de directeur van het Nationaal Park, ontdekte de dode hengst, toen hij bij een rondgang door het park een Przewalskihoofd boven de sneeuw zag uitsteken. In januari toen de kou op zijn hevigst was vielen twee veulens ten prooi aan de wolven. De extreme weersomstandigheden hadden wel ernstige gevolgen voor de 16 Przewalski-paarden, die na aankomst in 2000 hun eerste winter meemaakten in Mongolië. De conditie van de hengsten ging vanaf november achteruit. De merries kregen het pas in januari veel moeilijker. Drie merries en twee hengsten stierven ten gevolge van de kou. Ondanks extra bijvoer en zorg van de parkstaf voor de paarden in de acclimatisatie gebieden kon niet voorkomen worden, dat er slachtoffers vielen. De sterfte onder het vee was in de winter van 2001 wel bijzonder hoog. Het vee van de herders, dat rondom het Nationaal Park graast is door de droogte in de zomer en door overbegrazing van de steppe in slechte conditie de winter ingegaan. Veel herders troffen onvoldoende voorzorgsmaatregelen en kochten te weinig hooi voor de winter. Honderden koeien (50%van het totale bestand) stierven door ondervoeding en bevriezing.
Tot 1998 vielen er weinig slachtoffers onder de Przewalski-paarden. Alleen veulens lopen de kans ten prooi te vallen. Nadat in 1998 26% van de veulens gedood was door wolven, besloot de parkstaf maatregelen te treffen. Een creatieve oplossing werd gevonden om de veulens te beschermen tegen wolven. De jacht is verboden in Hustai Nationaal Park. In de periode dat de veulens geboren worden zijn de wolven vooral 's nachts en in de prille ochtend actief. De veulens zijn de eerste vijf dagen na hun geboorte het meest kwetsbaar. De rangers en grenswachters lopen bij toerbeurt de wacht en volgen 's nachts de harems. Als er een wolf gesignaleerd wordt, proberen ze deze af te schrikken door in de lucht te schieten. In 1999 werden nog 19% van de veulens door wolven gedood. In 2000 was het percentage gedaald tot 7,7%. In 2001 en 2002 liep het op tot respectievelijk 16% en 10%. In Hustai Nationaal Park is de vegetatie zeer goed. De vrijlevende Przewalski-paarden hebben inmiddels geleerd waar ze in de verschillende seizoenen het beste voedsel kunnen vinden en waar weinig sneeuw is. Ook hoge sneeuw is geen probleem meer voor ze. Op plekken waar kwalitatief goed gras onder hoge sneeuw verborgen ligt weten ze door dicht tegen elkaar te staan een gedeelte met hun hoeven sneeuwvrij te krijgen. Schuilgelegenheid voor de Przewalski-paarden is er in Hustain Nuruu in overvloed. Als we terugkijken op de afgelopen jaren zijn we blij dat we voor de herintroductie van de Przewalski-paarden een gebied gekozen hebben, waar de leefomstandigheden gunstig zijn met voldoende voedsel en water voor honderden paarden en ander wild. In dit gunstige leefgebied is de voortplanting goed en de sterfte relatief laag, waardoor de populatie geleidelijk kan groeien ondanks sterke tegenslag veroorzaakt door moeilijke weersomstandigheden. |
||||||||||||||