|
|
De Zilveren Anjer (1997)

HM Koningin Beatrix, ZKH Prins Bernhard,
Mevr. Bouman en Mevr. Groeneveld
bij de uitreiking van de Zilveren Anjer
Gronden van verlening
Samen met haar man stond Inge Bouman, werkzaam voor sociaal
achtergebleven kinderen, aan het begin van twee stichtingen die de met ondergang bedreigde
Przewalski-paarden wilden redden. Dat is ondanks grote en langdurige moeilijkheden gelukt.
Het echtpaar Bouman heeft gezonde paarden gefokt en bereikte meer dan dat. Het van
oorsprong wilde Przewalski-paard keert de laatste jaren terug naar zijn natuurlijke
biotoop, de weidegronden van Midden-Azië. Dit alles is beraamd, begonnen en bereikt in de
woning van Jan en Inge Bouman te RotterdamSpangen.
De toespraak van ZKH Prins Bernhard ter gelegenheid van
de uitreiking van de Zilveren Anjer aan Mevr. I. Bouman
Hooggeachte mevrouw Bouman,
Iedere drager van de Zilveren Anjer weet wat tegenslag is, geldgebrek
en geestelijke traagheid. Maar u kent dat alles in de overtreffende trap. Wat u samen met
uw man hebt ondernomen leek vaak een lijdensgeschiedenis, een uitzichtloze strijd. U vond
zelf van niet, maar buitenstaanders dachten er anders over.
De situatie was twintig jaar geleden deze. Een ras van wilde paarden,
het Aziatische Przewalski-paard, is in het wild uitgestorven. Wel leven nog exemplaren in
de dierentuinen, maar na tien generaties inteelt zijn ze verzwakt; en in plaats van
eindeloze weiden kennen zij slechts ijzeren hekken. De dieren zijn nog maar een schaduw
van zichzelf. En dan besluit een echtpaar in Rotterdam hen te redden. Hebben die twee
mensen enig prestige? Nee, ze zijn niet eens biologen: ze doen sociaal werk in wat men
tegenwoordig een achterstandswijk noemt. Zulke dilettanten ontvangen eerst een
reactie die tussen sympathie en meewarigheid in ligt. Maar als zij méér willen, stuiten
zij op barrières van gewichtigdoenerij of worden een doolhof van bijkomstigheden binnen
geloodst.
En wát wilden Jan en Inge Bouman? Allereerst weer een gezond
Przewalski-paard fokken: op basis van een stamboek zelf een aantal veelbelovende dieren
kopen, opdat ze zich in natuurparken of semi-reservaten konden voortplanten. Alle
tegenslagen, geldgebrek en geestelijke traagheid hebben samengespannen om dat te beletten.
Iedereen zou zijn ontmoedigd. Maar u zag die ene opdracht, dat eenvoudige doel. En u
bereikte het.
De Ambassadeur van Mongolië en
de (voormalige) Burgemeester van Amsterdam |
Toen drong zich een tweede doel op, de
herintroductie van de paarden in de natuur. De geschikte plek werd gevonden in Mongolië;
dankzij de Mongoolse regering en natuurbescherming kwam een weidereservaat van
veertigduizend hectare ter beschikking. Twintig jaar na het begin van uw actie draven daar
nu 55 Przewalski-paarden rond, en vanuit de semi-reservaten in Nederland volgt met
regelmaat een nieuwe aanvoer. U moet de dieren immers in etappen voorbereiden op hun leven
in het wild.
De palmboom groeit onder de steen staat in mijn agenda. Hoe zwaar de steen
ook is, het jonge sprietje duwt hem op den duur toch weg. Dat hebt u gedaan; samen met uw
man. Hij is in november overleden. Maar ik kan u de Zilveren Anjer niet overhandigen
zonder zijn aandeel te noemen. En ik voeg er een groet bij aan allen die u bijstaan, van
Annette Groeneveld en Jolanda Grosjean tot de vele werkers in Mongolië en Nederland.
Draag uw Anjer met trots: het is een bloem waarin de zon zich weerspiegelt. |
Onderscheidingen
Jaar |
Naam |
Onderscheiding |
1994 |
Aimac Provincial Medal, Mongolia |

|
1996 |
Ridder in de Orde van Oranje-Nassau |

|
1996 |
Highest Presidential Friendship Price, Mongolia |

|
1997 |
Environmental Price, Mongolia |
|
1997 |
De Zilveren Anjer |

|
|
|